Molenaar aan het woord

Willem Langeveld


“Sinds 1933 staat hier een Langeveld”

“Ik ben hier iedere zaterdag en zondagochtend tot twaalf uur om deze molen te draaien. Weer of geen weer, verjaardag of niet. Veel mensen begrijpen dat niet, waarom ik dat nou zo mooi vind.
Als de molen draat, dan draait-ie. Maar wat ik zo mooi vind aan het draaien van die molen – behalve genieten van dit prachtige plekje hier – is het spel met de wind. Je weet het nooit met het weer. Zet de bui door, moet ik ervoor zwichten of kan ik het wel lijden? De kunst is om het ’s ochtends zo te bespannen dat hij de hele dag kan doordraaien.
Al lukt dat natuurlijk niet altijd.”


“Deze polder is niet zo diep en bovendien zitten hier veehouders en bollentelers. Die hebben behoefte aan verschillende peilen, wat de marge om wat dieper te malen klein maakt. Verder staat hier nog een electrisch gemaal. Die zet ik vaak uit – ik ben ook machinist van dat gemaal – zodat ik op zaterdag kan malen. Want ik heb een broertje dood aan het voor de prins draaien.”
“Ik ben 32 jaar geleden op deze molen begonnen en heb daarmee mijn vader opgevolgd. Hij was hier beroepsmolenaar tot 1959. Het polderbestuur zette hier toen een dieselgemaal neer. De molenstichting heeft deze molen toen gekocht voor één gulden. Vanaf toen werd met deze molen vrijwillig gemalen. Vóór mijn vader heeft mijn opa deze molen nog gedraaid. Sinds 1933 staat hier een Langeveld. Ik ben dus de derde generatie.”

 
“Het zou mooi zijn als mijn zoon het in de toekomst zou willen overnemen maar hij voelt er niks voor. Hij ziet er de lol niet van in om de hele dag naar de hemel te kijken. Dus ga ik er zelf nog maar even mee door.”

AL

 

Molenaars aan het woord